Afrikaanse en Braziliaanse wortels
Capoeira ontwikkelde zich in de Braziliaanse koloniale samenleving onder tot slaaf gemaakte en vrijgemaakte Afrikanen en hun nakomelingen. De precieze oorsprong is niet tot één moment of één voorouderlijke kunst te herleiden. Onderzoekers noemen invloeden uit onder meer Angola, Congo, andere Bantu-contexten en Braziliaanse praktijken.
De mogelijke relatie met engolo, een traditionele krijgskunst uit Angola, is belangrijk maar blijft onderwerp van debat. De overeenkomsten in bewegingen ondersteunen een mogelijke invloed, maar bewijzen geen eenvoudige, ononderbroken afstammingslijn.
Criminalisering en vroege ontwikkeling
Capoeira werd in een gerechtelijk document uit 1789 vermeld onder de naam capoeiragem. In de negentiende eeuw werd straatcapoeira in Rio de Janeiro geassocieerd met conflicten en ontstond de historische benaming capoeira carioca. Capoeira werd opgenomen in het Braziliaanse strafrecht van 1890 en bleef tot de jaren 1930 onder druk staan.
Mestre Bimba en capoeira Regional
In de jaren 1920 en 1930 ontwikkelde Mestre Bimba een meer gestructureerde lesmethode. Hij gebruikte onder meer sequências de ensino en verwerkte invloeden uit batuque. Zijn stijl werd bekend als capoeira Regional. In 1932 kreeg hij toestemming voor een formele school, terwijl de juridische en maatschappelijke positie van capoeira nog veranderde.
De staat legaliseerde en promootte capoeira vanaf 1937. De vaak geciteerde uitspraak dat capoeira de enige echte nationale sport was, hoort bij de culturele politiek rond Getúlio Vargas en bewijst niet dat alle groepen dezelfde regels of methode aanvaardden.
Mestre Pastinha en capoeira Angola
In 1941 richtte Mestre Pastinha een school voor capoeira Angola op. Deze traditie legt vaak meer nadruk op lage bewegingen, ritueel, muziek, strategie, theatrale expressie en malícia. De tegenstelling tussen Angola en Regional is historisch belangrijk, maar moderne groepen combineren geregeld elementen van beide.
Verspreiding vanaf de jaren 1960
Vanaf de jaren 1960 verspreidde capoeira zich sterker binnen Brazilië. Grupo Senzala werd invloedrijk met een atletische vorm van Regional. Vanaf de jaren 1970 brachten Braziliaanse leraren en groepen capoeira naar Noord-Amerika, Europa en andere regio’s.
De internationale groei bracht nieuwe scholen, stijlen en deelnemers voort, maar ook discussies over commercialisering, culturele context, ras, gender en de balans tussen sport en erfgoed.